De inzet van Proefwerkers brengt scholen en studenten in de onderwijsregio Midden-Nederland Leert bij elkaar, zoals op Aeres vmbo in Maartensdijk. Universitaire en hbo-studenten ondersteunen in hun bijbaan leraren op scholen in het primair en voortgezet onderwijs.

Een Proefwerker in actie. Foto: Yoeki de Bree.
Het concept is eenvoudig. Studenten nemen taken over waarvoor geen lesbevoegdheid nodig is. Daardoor krijgen leraren meer ruimte om zich te richten op hun kerntaak én krijgen leerlingen extra begeleiding.
Hoe dat er concreet uitziet, is te zien op Aeres vmbo in Maartensdijk. Daar werken sinds het schooljaar 2023–2024 Proefwerkers samen met docenten om leerlingen extra ondersteuning te bieden. Directeur Ruud Urbach: “Ze worden op verschillende plekken ingezet”, vertelt hij. “Bijvoorbeeld in kleine groepjes leerlingen die extra ondersteuning nodig hebben.”
Ondersteuning in de praktijk
Die groepjes bestaan meestal uit zes tot acht leerlingen uit de onderbouw die achterstanden hebben in taal of rekenen. Studenten werken met hen aan basisvaardigheden zoals lezen, woordenschat en rekenen, op basis van aanwijzingen van vakdocenten. Daarnaast hebben de studenten ook een rol buiten de reguliere lessen. Elke middag is er op school een ruimte waar leerlingen terechtkunnen voor huiswerk, extra uitleg of gewoon een gesprek. Urbach noemt die plek ‘de keukentafel op school’. “Niet elke leerling heeft thuis een keukentafel waar een ouder bij zit om structuur te bieden”, zegt hij. “De proefwerkers zijn daar elke middag een vast gezicht.”
Meer aandacht voor leerlingen
Volgens Urbach levert de inzet van Proefwerkers duidelijke voordelen op. In de eerste plaats krijgen leerlingen die extra ondersteuning nodig hebben meer persoonlijke aandacht dan in een volle klas mogelijk is. Dat is belangrijk, omdat vmbo-leerlingen uiteindelijk wel op een bepaald niveau examen moeten doen, terwijl hun startniveau sterk kan verschillen. Door vroeg extra ondersteuning te bieden, kunnen scholen die achterstanden beter opvangen. Daarnaast ervaren docenten dat de werkdruk afneemt. Studenten nemen praktische taken over en kunnen, samen met de docent, meer leerlingen individuele begeleiding bieden.
Kweekvijver voor toekomstige leraren
De inzet van Proefwerkers biedt ook een laagdrempelige kennismaking met het onderwijs. Studenten die eerst alleen een bijbaan zoeken, ontdekken soms dat werken op school goed bij hen past. “Wat je vaak ziet is dat ze niet alleen een studentenbaan willen”, zegt Urbach. “Ze willen werkelijk iets bijdragen.” Die betrokkenheid zorgt ervoor dat studenten langer blijven. “We hebben er twee die hier al voor het derde jaar werken”, vertelt hij. Stichting Proefwerk streeft er zelfs naar dat een op de drie studenten voor een bevoegdheid gaat.
Student wil maatschappelijk relevant werk
De eerste schakel in het traject is Student op School, verbonden aan de lerarenopleiding van de Universiteit Utrecht. Projectleiders Luca Massaro en Kiki Houwers zijn daar betrokken bij de werving en voorbereiding van studenten. Volgens hen is het initiatief inmiddels bekend onder studenten en sluit het goed aan bij hun behoefte aan maatschappelijk relevant werk. “Veel studenten zoeken niet alleen een bijbaan. Ze willen ook iets bijdragen aan de samenleving.”
De studenten komen uit verschillende studierichtingen. Er zijn relatief veel deelnemers uit de sociale en geesteswetenschappen, maar er melden zich ook bèta-, rechten- en economiestudenten aan. De taken die zij uitvoeren zijn divers: leerlingen begeleiden, nakijkwerk doen, docenten ondersteunen bij lesvoorbereiding of kleine groepjes leerlingen helpen tijdens of na de les. Eerst volgen studenten een korte training van ongeveer drie uur. Die behandelt onder meer pedagogische basisvaardigheden, omgaan met leerlingen, feedback geven en professionele omgangsvormen. Ook wordt besproken hoe studenten leerlingen kunnen begeleiden zonder simpelweg antwoorden voor te zeggen.
Van vraag naar match
Na de training komt Stichting Proefwerk in beeld. Die inventariseert de ondersteuningsvraag van scholen en zoekt vervolgens in de studentenpool naar geschikte kandidaten. Zo ontstaat een gerichte match tussen student en school. De inzet van Proefwerkers gebeurt in meerdere onderwijssectoren. Vooral in het vmbo is de behoefte groot, omdat scholen daar relatief veel leerlingen hebben die extra ondersteuning nodig hebben en het lerarentekort vaak nijpend is.
Onderwijsregio stimuleert scholen
Noor Hulskamp, programmanager Onderwijsregio Midden-Nederland Leert: “De kracht van het initiatief zit in de verbinding tussen scholen, opleidingsinstellingen en regionale netwerken. Binnen de onderwijsregio past deze aanpak naadloos bij de bredere opgave om bovenbestuurlijk samen te werken aan instroom, behoud en ontwikkeling. De onderwijsregio speelt daarbij een actieve rol. Zo worden scholen gestimuleerd om mee te doen door financiële drempels te verlagen, bijvoorbeeld via cofinanciering in tekortvakken als wiskunde. Daarnaast worden succesvolle praktijken gedeeld. Proefwerk laat zien dat een relatief eenvoudig concept, ingebed in regionale samenwerking, snel impact kan hebben.”